Aardbeving.org
Tektonisch Nederland · de enige natuurlijke bevingen van ons land

Aardbevingen in Limburg

In Zuidoost-Nederland trilt de grond niet door gaswinning, maar doordat de aardkorst zelf langzaam uit elkaar wordt getrokken. Langs de Roerdalslenk schuiven echte tektonische breuken — met Roermond 1992 als zwaarste voorbeeld.

Kort samengevat

Limburg is het enige gebied in Nederland met natuurlijke (tektonische) aardbevingen. Ze ontstaan langs de Roerdalslenk, een actieve breukzone tussen de Eifel en de Maas. De zwaarste sinds metingen was de beving bij Roermond op 13 april 1992 met magnitude 5,8. Gemiddeld zijn er per jaar ongeveer vijf voelbare bevingen.

Waarom het in Limburg beeft

De aardkorst onder Noordwest-Europa staat niet stil. In een brede zone die loopt van de Noordzee tot aan de Alpen wordt de korst heel langzaam uit elkaar gerekt. Daarbij zakken sommige stukken weg ten opzichte van hun buren. Zo'n weggezakt blok tussen twee breuken heet een slenk. Zuidoost-Limburg ligt precies op zo'n actieve slenk.

Die rek bedraagt slechts een fractie van een millimeter per jaar, maar gaat al miljoenen jaren door. Het gesteente langs de randen van de slenk blijft niet glad meebewegen: het blijft haken, bouwt spanning op en schiet dan plotseling los. Dat losschieten is een aardbeving. Het mechanisme is hetzelfde als bij grote bevingen elders ter wereld, alleen veel kleinschaliger. Wil je de natuurkunde erachter teruglezen, kijk dan bij platentektoniek en bij breuken en verschuivingen.

Dit maakt Limburg fundamenteel anders dan de rest van Nederland. Hier gaat het om natuurlijke bevingen die los staan van menselijk ingrijpen. Ze waren er lang voordat er ergens in Nederland een gasveld werd aangeboord, en ze zullen er nog miljoenen jaren zijn.

De Roerdalslenk, Peelrandbreuk en Feldbiss

De Roerdalslenk (in het Duits Roerdalslenk of Roertalgraben) is de actieve tektonische breukzone die schuin door Zuidoost-Nederland loopt, ruwweg tussen het Eifelgebergte in Duitsland en de Maas. Het is een laaggelegen blok dat geleidelijk wegzakt tussen twee schuine breukvlakken. Aan weerszijden liggen de twee belangrijkste breuken van het gebied.

rek rek Eifel-zijde Maas-zijde Roerdalslenk Peelrandbreuk Feldbiss
Dwarsdoorsnede van de Roerdalslenk: het middenblok zakt weg langs de Peelrandbreuk en de Feldbiss terwijl de korst wordt gerekt.

De Peelrandbreuk vormt de noordoostelijke rand. Hij loopt van Noord-Limburg via Oost-Brabant richting de Peel en is op sommige plekken in het landschap zichtbaar als een lage trede in het veld, een zogenoemde breuktrap. De Feldbiss markeert de zuidwestelijke rand van de slenk, in Zuid-Limburg en doorlopend in België en Duitsland. Tussen deze twee breuken zakt het centrale blok langzaam weg.

Beide breuken zijn seismisch actief. Niet elke beving in de regio is even goed aan één breuk toe te wijzen, maar het patroon van de bevingen volgt duidelijk de richting van de slenk. Daardoor is Limburg het enige deel van het land waar de aardbevingen een echte geologische thuisbasis hebben in plaats van een industriële oorzaak, zoals in Groningen.

Roermond 1992 als referentie

In de vroege ochtend van 13 april 1992 vond bij Roermond de zwaarste natuurlijke aardbeving plaats die in Nederland sinds het begin van de metingen is geregistreerd. De magnitude bedroeg 5,8. De beving was tot ver buiten Limburg voelbaar, met schade in Nederland, Duitsland en België.

Datum
13 apr 1992
Magnitude
5,8
Regio
Roermond
Type
Natuurlijk

De beving liet zien hoe groot het verschil in oorzaak en gevolg is binnen één klein land. Waar Groningse bevingen ondiep en geïnduceerd zijn, lag het brandpunt bij Roermond dieper in de korst en was de oorzaak puur tektonisch. Het volledige verhaal, met de schade, de naschokken en de wetenschappelijke nasleep, lees je op de pagina over de aardbeving bij Roermond in 1992.

Recente bevingen

Roermond 1992 is uitzonderlijk zwaar, maar lichtere bevingen horen bij het normale beeld. Limburg en de directe omgeving kennen jaarlijks ongeveer vijf voelbare bevingen. De meeste daarvan zijn licht en veroorzaken geen schade; ze worden vaak alleen door instrumenten van het KNMI vastgelegd en soms door mensen in de buurt gevoeld als een korte trilling of een doffe klap.

De breukzone houdt zich niet aan landsgrenzen. Een goed voorbeeld is de aardbeving bij Goch, net over de grens in Duitsland, in 2022 met een magnitude van ongeveer 3,4. Die beving was tot in Nijmegen te voelen. Dat illustreert dat de seismiciteit van de Roerdalslenk een grensoverschrijdend verschijnsel is: dezelfde geologische structuur loopt door onder Nederland, Duitsland en België.

Voorbeelden van bevingen in en rond de Limburgse breukzone
GebeurtenisJaarMagnitudeBijzonderheid
Roermond19925,8Zwaarste natuurlijke beving sinds metingen
Goch (Duitsland)2022~3,4Gevoeld tot in Nijmegen
Gemiddeld jaarlichtCirca vijf voelbare bevingen per jaar

De kaart

De kaart hieronder toont Zuidoost-Nederland met een aanduiding van de breukzone. De rode marker staat op het epicentrum van de beving bij Roermond uit 1992. De Roerdalslenk loopt schuin door dit gebied, ongeveer in de richting van de Eifel naar de Maas.

Epicentrum Roermond 1992 (M 5,8) Richting van de Roerdalslenk
Kaart laden…

Werkt de kaart niet, of staat JavaScript uit? Het epicentrum van de beving uit 1992 ligt vlak bij Roermond, in het zuidoosten van de provincie Limburg, op de breukzone tussen de Eifel en de Maas. De slenk loopt vandaaruit in noordwestelijke richting via Midden-Limburg en Oost-Brabant.

Verschil met Groningen

Limburg en Groningen worden vaak in één adem genoemd, maar het zijn twee totaal verschillende verhalen. In Limburg gaat het om natuurlijke bevingen die door de tektoniek van de Roerdalslenk worden veroorzaakt. In Groningen gaat het om geïnduceerde bevingen die ontstonden door decennia van gaswinning.

Tektonisch Limburg tegenover geïnduceerd Groningen
KenmerkLimburgGroningen
OorzaakNatuurlijk, tektonischGeïnduceerd door gaswinning
StructuurRoerdalslenk, breukenGasveld, ondiepe breuken
ZwaarsteM 5,8 (Roermond 1992)M 3,6 (Huizinge 2012)
DiepteRelatief diep in de korstOndiep, circa 3 km
ToekomstBlijft van nature actiefNeemt af, maar risico blijft jaren

Een hoger getal betekent dus niet automatisch meer schade aan huizen. Een ondiepe beving kan op het oppervlak harder aankomen dan een diepere beving met een hogere magnitude. De vergelijking en de bredere context staan op de pagina aardbevingen in Nederland.

Verder lezen

Wil je dieper de geologie of de geschiedenis in? Deze pagina's sluiten direct aan op het verhaal van Limburg.

Bronnen

  1. KNMI (2024), "Aardbevingen in Nederland — seismiciteit en monitoring", knmi.nl.
  2. TNO Geologische Dienst Nederland (2024), "Ondergrond en breuken in Zuidoost-Nederland", tno.nl.